De methode
VAARDIGHEID
Als je geen talent hebt, menen veel mensen, dan zul je nooit goed naar de werkelijkheid leren tekenen. Betty Edwards heeft aangetoond dat dit niet waar is. Iedereen kan leren tekenen.
Goed naar de waarneming kunnen tekenen, is niet zozeer een kwestie van 'talent hebben', als wel het aanleren van een vaardigheid. Bij het tekenen gaat het om de vaardigheid van het waarnemen.
Van jongs af aan leren we vaardigheden.
We leren lezen en schrijven. We leren fietsen en zwemmen.
Naarmate we in leeftijd vorderen, komen er weer andere vaardigheden
aan bod, zoals een vreemde taal leren of autorijden.
Het kenmerk van een vaardigheid is dat iedereen die kan leren. Okay, het kost de één meer moeite dan de ander, maar wie doorzet en niet opgeeft leert het ten slotte.
Zo is het ook met de vaardigheid die U in de cursus leert; de vaardigheid van het waarnemen.
TEKENEN
Bij het tekenen gaat het niet zozeer om handvaardigheid. Iedereen die in staat is om zijn eigen handtekening te zetten kan leren tekenen.
Waar het om gaat is kijken (waarnemen). Wie echt kan kijken, kan tekenen.
Hoe vaak hoort men niet tekendocenten tegen hun leerlingen zeggen: "Je moet goed kijken!" Daar bedoelen ze hetzelfde mee.
Dit leert U in deze workshop.
U leert zo kijken dat u alles kunt tekenen wat u ziet. Geen enkel onderwerp zal nog moeilijk voor U zijn.
RECHTER HERSENHELFT
Hiermee komen we bij het bijzondere karakter van deze workshop.
Heel 'kort door de bocht' kunnen we zeggen dat het Uw rechter hersenhelft is die in staat is om te tekenen.
Of, met andere woorden; als U zo wilt waarnemen dat u kunt tekenen wat u ziet, moet U leren de waarnemingskwaliteit van Uw rechter hersenhelft te gaan gebruiken.
Het is de grote verdienste van Betty Edwards dat zij dit heeft ontdekt.
Zij is een kunstenares die al heel jong tot goed tekenen in staat was. Ze herinnert zich uit haar jeugdjaren dat ze alleen maar 'anders hoefde te kijken' en dat ze dan kon tekenen wat ze zag. Later, toen zij als jong docente op een middelbare school les ging geven, was ze heel erg verbaasd over hoe moeilijk het bleek haar leerlingen goed naar de werkelijkheid te leren tekenen.
Ze wilde vanaf dat moment het antwoord vinden op de vraag hoe het kwam dat het tekenen haar zo weinig moeite kostte en waarom ze dit niet aan anderen kon leren.
Omdat ze geen enkel aanknopingspunt had, begon zij zichzelf en haar leerlingen te observeren.
Ze deed een aantal ontdekkingen:
1. Praten en tekenen gaat niet tegelijkertijd
2. Als iemand leerde tekenen, gebeurde dat meestentijds vrij plotseling. Bij navraag kon niemand zeggen wat er nu veranderd was, alleen dat ze anders waren gaan kijken.
‘SPLIT-BRAIN’ PATIËNT
Dan gebeuren er twee opmerkelijke dingen.
Op een bepaald moment geeft ze haar leerlingen de instructie een tekening van Picasso omgekeerd te kopiëren.
Tot ieders grote verrassing blijkt dat degenen die normaliter niet in staat waren behoorlijke tekeningen te produceren plots een groot vermogen tot tekenen bezitten.
Hoe is dit mogelijk?
Niemand begrijpt er iets van.
Bij navraag melden deze leerlingen dat het komt omdat ze niet weten wat ze tekenen.
Daarmee dient zich de prangende vraag aan ‘waarom kun je tekenen als je niet weet wat je tekent?’
Degene die daar antwoord op geeft is de neurochirurg Roger Sperry.
In de jaren zestig doet hij onderzoek bij de zogenaamde ‘split-brain’ patiënten.
Het gaat hierbij om mensen die aan zulke hevige epileptische aanvallen lijden dat hun normale functioneren in gevaar komt.
Sperry en zijn team verbreken bij hen de communicatie tussen de linker- en rechterkant van de hersenen. Hiermee hoopt men te voorkomen dat een epileptische aanval beide hersenhelften zal aantasten.
Nu is het voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid dat men kan onderzoeken wat iedere hersenhelft op zich doet.
Voor die tijd moesten artsen zich tevreden stellen met waarneming.
Op grond daarvan had men gemeend te moeten constateren dat het vooral de linkerkant van de hersenen was die van belang is. Men noemde deze daarom ook major.
De rechterkant zag men als veel minder belangrijk en kreeg daarom de toepasselijke naam minor.
Uit testen die Sperry met zijn patiënten deed, kwamen zeer opzienbarende resultaten te voorschijn.
Hij kreeg hiervoor de Nobelprijs.
In tegenstelling tot wat men altijd had aangenomen bleek uit zijn onderzoek dat niet alleen de rechter hersenhelft even intelligent denkt als de linker, maar ook - en dit is voor ons van belang- compleet anders.
UNIEKE TEKENMETHODE
Op het moment dat Betty Edwards de onderzoeken van Sperry onder ogen kreeg, kreeg ze een plotseling inzicht; een Aha-Erlebnis.
Ze begreep dat mensen om te kunnen tekenen, moeten leren overschakelen naar het waarnemingsvermogen van de rechterkant van de hersenen.
Grote kunstenaars zoals Michael Angelo, Renoir, Rodin wisten dit intuïtief en maken er in hun geschriften melding van.
Veel van wat deze kunstenaars toepasten om tot de waarnemingvermogens van de rechterhersenhelft te komen, heeft Betty Edwards gebruikt om haar unieke tekenmethode te ontwikkelen.
Het ‘probleem’ waar iedere (beeldend) kunstenaar mee worstelt, is dat de linkerkant dikwijls dominant is.
Zo ook bij het tekenen.
Zij probeert als het ware de tekentaken waarvoor zij volkomen ongeschikt is op zich te nemen en is dan tegelijkertijd de eerste om op het resultaat kritiek te leveren.
In de workshop ‘Leer tekenen’ gaan we stap voor stap door middel van een groot aantal oefeningen de bemoeienissen van Uw linkerhersenhelft bij het tekenen uitschakelen.
De rechterkant die alles wat tekenen betreft leuk vindt, zal het overnemen en dan zult ook U ontdekken dat U kunt tekenen wat U ziet.
Heeft U eenmaal een vaardigheid geleerd, dan beheerst U deze voor de rest van uw leven
Zo is het ook met het aanleren van de vaardigheid van het waarnemen.
Uw verdere ontwikkeling zal bestaan uit de keuzes van onderwerpen die U gaat maken en de verfijning daarvan.